Een trombose die optreedt op basis van een centraal veneuze katheter (CVK) wordt als volgt behandeld:
- Behandel een CVK-gerelateerde arm vene trombose met antistollingstherapie gedurende drie maanden (LMWH of VKA), ook als de katheter verwijderd wordt.
- Verwijder de katheter zo snel mogelijk indien deze niet meer noodzakelijk is. Laat de katheter in situ indien deze nog nodig en functioneel is.
- Indien de katheter na drie maanden antistollingstherapie nog in situ is, zet dan de antistollingstherapie voort totdat de katheter verwijderd wordt.