In het MUMC+ gelden voor volwassenen (≥ 18 jaar) de volgende doseringen profylactische laag moleculair gewicht heparine (LMWH)

Indien nadroparine (fraxiparine®) niet kan worden toegediend, bijvoorbeeld vanwege Heparine geïnduceerde trombopenie (HIT) of overgevoeligheidsreacties, wordt als alternatief een profylactische dosering van fondaparinux (arixtra®) gegeven: volwassenen 1dd 2.5 mg s.c.
Lichaamsgewicht Profylactische dosering nadroparine (fraxiparine®)
<70 kg 1 dd 2850 IE aXa (0.3 ml) sc.
70-90 kg 1 dd 3800 IE aXa (0.4 ml) sc.
>90 kg 1 dd 5700 IE aXa (0.6 ml) sc.
Bepaal tromboseprofylaxe beleid a.d.h.v. de volgende stappen:
 
  •  OperatieDuur profylaxe
    KnieTKP / UKP, inclusief revisies6 weken
     Infectietraject, ongeacht ingreep6 weken
     Tibiaosteotomie6 weken
     Voorste kruisband reconstructie4 weken
     MPFL reconstructie-*
     Andere bandplastieken4 weken
     Arthroscopie/meniscus-*
     Kraakbeen herstel-*
     Mozaïekplastiek-*
    HeupTHP / KHP, inclusief revisies6 weken
     Infectietraject, ongeacht ingreep6 weken
     Femurosteotomie6 weken
    SpinePLIF / TLIF6 weken
     Scoliose kindZie separaat protocol**
     Spondylodese na trauma6 weken
    Voet/enkelArthrodese (OSG / BSG / triple / double)Gedurende immobilisatie*
     CalcaneusosteotomieGedurende immobilisatie*
     Enkelprothese6 weken
     Hallux valgus correctie-*
     Hamerteencorrectie-*
     MTP-1 chirurgie-*
    SchouderAlle ingrepenGeen profylaxe*
    ElleboogAlle ingrepenGeen profylaxe*
    Pols/handAlle ingrepenGeen profylaxe*
    TraumaWervelfracturen6 weken
     Bekkenfracturen6 weken
     Femurfracturen6 weken
     Periprothetische femurfractuur (heup/knie prothese)6 weken
     Tibiaplateaufractuur6 weken
     Tibiaschachtfractuur / crurisfractuur6 weken
     Enkel / voetfractuurGedurende immobilisatie*
    KindAlle ingrepenZie separaat protocol**

    * Afhankelijk van bijkomende VTE-risicofactoren van de individuele patiënt (Stap 2)
    ** Preventie van veneuze trombo-embolie (VTE) bij zuigelingen en kinderen (Zenya 034541)

    Niet-chirurgische patiënten met gipsimmobilisatie

    Geef patiënten met gipsimmobilisatie bij een geïsoleerd letsel van de onderste extremiteit geen tromboseprofylaxe, tenzij er individuele bijkomende risicofactoren zijn voor een VTE (Stap 2).

  • Leeftijd ≥ 75 jaar
    (Morbide) obesitas (BMI > 30)
    Trombose in de voorgeschiedenis
    Positieve familiegeschiedenis voor VTE
    Bekende erfelijke trombofilie (zoals deficiëntie van proteïne C, proteïne S, of antitrombine, factor V Leiden, protrombine 20210A mutatie, antifosfolipidensyndroom)
    Recent CVA (ischemisch of hemorragisch, ≤ 1 maand)
  • Een verhoogd risico op bloedingscomplicaties kan voorkomen bij:  
    - Leverfalen met spontane INR > 1.5- Recente bloeding (< 3 maanden)
    - Kreatinineklaring < 30 ml/min- Trombopenie < 50 x 10^9
    - Gelijktijdig gebruik van andere antitrombotica- Leeftijd > 85 jaar
    - Ernstige hypertensie > 230/120 mmHg- Actieve maligniteit
    - Actieve bloeding- Aangeboren bloedingsneiging
    - Actief maagdarmulcus- Cerebrovasculair accident (CVA) in acute fase

    Bovenstaande factoren kunnen meegewogen worden in het bepalen van het bloedingsrisico. Deze factoren wegen niet allemaal even sterk mee, vooral bij aanwezigheid van meerdere risicofactoren is het bloedingsrisico verhoogd. Het besluit om geen LMWH profylaxe te geven vanwege verhoogd bloedingsrisico dient per individuele patiënt te worden genomen, hiervoor is geen uniform risicomodel beschikbaar.

  • Aan de hand van stap 1 gecombineerd met bijkomende individuele VTE- (stap 2) of bloedingsrisicofactoren (stap 3).

    • Start profylaxe de avond postoperatief (22:00 uur)
    • Geef patiënten die preoperatief geïmmobiliseerd zijn en uitgesteld worden geopereerd preoperatief tromboseprofylaxe
       - Laatste gift nadroparine (Fraxiparine) > 12 uur preoperatief
       - Laatste gift tinzaparine (Innohep) > 24 uur preoperatief
    Niet-chirurgische patiënten met gipsimmobilisatie

    Geef patiënten met gipsimmobilisatie bij een geïsoleerd letsel van de onderste extremiteit geen tromboseprofylaxe, tenzij er individuele bijkomende risicofactoren zijn voor een VTE (zie Stap 2).

  • Pas het antistollingsbeleid zo nodig aan

Voor meer informatie: Zenya 046629 
Tromboseprofylaxe en perioperatief antistollingsbeleid orthopedie

Bij vragen: Consulent stolling
     - Tijdens kantooruren - sein 6134
     - Buiten kantooruren dienstdoende interne - sein 4664

Sluit de enquête
Geef uw mening over de website, of vertel ons hoe wij onze website kunnen verbeteren.
De volgende links voor privacy en servicevoorwaarden behoren tot de reCAPTCHA-plugin van Google.